Het havengeld wordt berekend naar de maximum waterverplaatsing van de vaartuigen en bedraagt per kubieke meter van die maximum waterverplaatsing € 0,12 voor elke keer, dat de vaartuigen gebruik maken van een van de gemeentehavens, met een minimum van € 29,92.
Voor vaartuigen die de haven bezoeken zonder te laden of te lossen en die niet voor opslag bestemd zijn, bedraagt het recht € 0,12 per kubieke meter waterverplaatsing met een minimum van € € 29,92.
Hoofdstuk 1. Havengeld
Artikel 4.
Tarieven
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van scheepvaartrechten 2018