Bij een ontslag dienen verlofuren zo veel als mogelijk voorafgaand aan het ontslag te worden opgenomen. De medewerker wordt zo veel als mogelijk hiertoe door de gemeente in staat gesteld. De medewerker is verplicht jaarlijks minimaal zijn wettelijke verlof (4 x de weektaak) op te nemen. Indien dit wettelijke verlof niet tijdig door de medewerker worden ingepland kan met toepassing van artikel 6:2:21 lid 3 het college na overleg met de medewerker een beslissing nemen en een tijdvak aanwijzen dat dit wettelijke verlof wordt opgenomen.
Hoofdstuk
Artikel 4
wordt gewijzigd en komt als volgt te luiden:
Onderdeel van 93e Wijziging van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling (CAR) en Ambtenaren Reglement (AR)