Alle functies worden in één van de volgende vier categorieën ingedeeld aan de hand van de genoemde criteria:
functies waarin geen inconveniënten voorkomen, dan wel met een zo geringe mate, veelvuldigheid of duur, dat ze gemakkelijk te verdragen zijn en hoogstens incidenteel als enigszins hinderlijk kunnen worden ervaren;
functies die zich kenmerken door één serieus inconveniënt dan wel een aantal matige inconveniënten die door hun combinatie een vrij ernstige uitwerking hebben. Hierbij dienen deze omstandigheden zich regelmatig voor te doen, gedurende een groot deel van de werktijd;
functies met meerdere inconveniënten die voor een groot deel van de werktijd in ernstige mate van toepassing zijn, dan wel met een ernstig inconveniënt dat vrijwel voortdurend is.
functies met meerdere inconveniënten die voor een groot deel van de werktijd in ernstige mate van toepassing zijn waarbij tenminste één inconveniënt uitzonderlijk ernstig is.