Deze verordening verstaat onder:
markt: de warenmarkt die bij of krachtens besluit van het college op de daartoe aangewezen dag, tijd en plaats wordt gehouden;
marktterrein: de gehele openbare of voor het publiek toegankelijke oppervlakte, die bij of krachtens besluit van het college voor het uitoefenen van de markthandel is aangewezen;
standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt op het marktterrein is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;
vaste plaats: de standplaats die op een markt voor onbepaalde tijd beschikbaar wordt gesteld aan de vergunninghouder;
dagplaats: de standplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste plaats is toegewezen dan wel ingenomen;
standwerkersplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te standwerken;
kwartaal: een kalenderkwartaal;
dag: een periode van 24 uren aanvangende te 0.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening heffing en invordering van marktgelden 2011