De exploitatievergunning kan uitsluitend worden gesteld op naam van de ondernemer, is locatiegebonden en niet overdraagbaar.
In de vergunning wordt de na(a)m(en) van de beheerder(s) vermeld.
In de vergunning wordt het adres van de speelautomatenhal vermeld.
Aan de vergunning worden voorschriften en beperkingen verbonden. Deze hebben in elk geval betrekking op:
de opening- en sluitingstijd van de speelautomatenhal;
het toezicht in de speelautomatenhal;
hoeveel speelautomaten en hoeveel spelersplaatsen in de speelautomatenhal aanwezig mogen zijn en welke type speelautomaten mogen worden opgesteld, met dien verstande dat:
het aantal speelautomaten in maximaal één speelautomatenhal ten hoogste 150 mag bedragen, waarbij het aantal spelersplaatsen niet hoger mag zijn dan 250;
het aantal speelautomaten in maximaal twee speelautomatenhallen ten hoogste 100 mag bedragen, waarbij het aantal spelersplaatsen niet hoger mag zijn dan 150;
het aantal speelautomaten in maximaal drie speelautomatenhallen ten hoogste van 50 mag bedragen, waarbij het aantal spelersplaatsen niet hoger mag zijn dan 75.
de exploitatie van de speelautomatenhal.
Naast de in lid 4 genoemde voorschriften kunnen aan een vergunning alle voorschriften worden verbonden, die strekken ter bescherming van het belang van de openbare orde, het woon en leefklimaat en het tegengaan van gokverslaving.
Hoofdstuk 2
Artikel 5
Inhoud exploitatievergunning
Onderdeel van Verordening van de gemeente ’s-Hertogenbosch houdende regels voor speelautomatenhallen 2018