Naar hoofdinhoud
Termijnen graven. Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats dit toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van twintig jaar het recht op een eigen graf, een eigen urnengraf of een wandgraf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het eigen graf of eigen urnengraf is uitgegeven. Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats dit toelaat, op een daartoe schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van tien jaar het recht op een urnennis. De termijn begint te lopen op de datum waarop op de urnennis is uitgegeven. Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op verzoek van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van tien jaren, mits het verzoek vóór het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend. In het geval zoals omschreven in artikel 8 lid 3 is verlenging met een termijn van minder dan tien jaar ook toegestaan. Het in het tweede lid van dit artikel bedoelde recht wordt op verzoek van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van vijf jaren, mits het verzoek vóór het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend. Het in dit artikel bedoelde recht kan niet langer gelden dan tot het tijdstip, waarop het terrein feitelijk aan zijn bestemming als begraafplaats zal zijn onttrokken. Een recht als in dit artikel bedoeld, kan slechts aan één rechthebbende worden verleend Algemene graven of algemene urnengraven worden voor een periode van tien jaar ter beschikking gesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel