Bij de verstrekking van een persoonsgebonden budget voor een vervoersvoorziening of een hulpmiddel worden, voor zover van toepassing in de individuele situatie, de volgende voorwaarden opgelegd:
De budgethouder is verplicht om gedurende de gebruiksduur de aangeschafte voorziening voldoende te laten onderhouden en kan verplicht worden een onderhoudscontract af te sluiten met een leverancier, waarin tenminste zijn opgenomen de kosten van reparaties (inclusief onderdelen, voorrijkosten en arbeidsloon), 24-uurs-service, recht op gebruik van leenvoorziening, jaarlijks onderhoud en keuring;
De budgethouder dient de aangeschafte voorziening, voor zover van toepassing, toereikend te verzekeren. Bij aanschaf van een vervoersvoorziening dient de budgethouder een wettelijke aansprakelijkheidsverzekering af te sluiten.
De budgethouder dient het college desgevraagd in de gelegenheid te stellen de met het persoonsgebonden budget aangeschafte maatwerkvoorziening te bezichtigen en te (laten) beoordelen.
Ingeval het gebruik van de voorziening welke met een persoonsgebonden budget is aangeschaft, is beëindigd en de gebruiksduur van de voorziening niet geheel is verstreken, is de budgethouder verplicht de voorziening te retourneren dan wel de restwaarde, onder verrekening van eventueel ingebrachte eigen middelen, aan de gemeente te vergoeden.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.2
Verplichtingen budgethouder bij vervoersvoorzieningen en hulpmiddelen
Onderdeel van Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldambt 2018