Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 1 › Paragraaf 1

Artikel 10a

Verblijfsontzeggingen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening

1.. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde aan degenen die de openbare orde verstoort door één of meer, door de burgemeester nader te bepalen, wettelijke bepalingen te overtreden een verbod opleggen zich gedurende een in dat verbod genoemd tijdvak van ten hoogste 12 weken te bevinden op in dat verbod aangewezen plaatsen, waar of in de nabijheid waarvan de genoemde gedragingen hebben plaatsgehad. 2.. De burgemeester wijst de gebieden alleen aan waarvoor de verblijfsontzegging kan worden opgelegd, indien naar zijn oordeel sprake is van een ernstige verstoring van de openbare orde. 3.. De burgemeester beperkt het verbod als bedoeld in lid 1, indien dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk is. 4.. Het is verboden zich te gedragen in strijd met een door de burgemeester opgelegd verbod.

Rechtspraak bij dit artikel