Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 1 › Paragraaf 5

Artikel 22

Veiligheid op het ijs

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening

1.. Het is verboden: voor het publiek toegankelijke ijsvlakten te beschadigen, te verontreinigen, te versperren of het verkeer daarop op enige andere wijze te belemmeren of in gevaar te brengen; bakens of andere voorwerpen ten behoeve van de veiligheid geplaatst op de onder a. bedoelde ijsvlakten, te verplaatsen, weg te nemen, te beschadigen of op enige andere wijze het gebruik daarvan te verijdelen of te belemmeren; zich te begeven of te bevinden op een ijsvlakte in openbaar water waarvan uit daartoe geplaatste borden of voorwerpen kan worden aangenomen dat het ijs onbetrouwbaar is. 2.. Een ieder is verplicht op eerste vordering van een opsporings-ambtenaar of een andere daartoe bevoegde ambtenaar onmiddellijk het ijs te verlaten ter voorkoming van gevaar voor personen of goederen. 3.. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, het Provinciaal Waterreglement Noord-Holland of de Scheepvaart- en havenverordening.

Rechtspraak bij dit artikel