In deze verordening wordt verstaan onder:
monument:
1. onroerende zaak, die van algemeen belang is wegens
zijn esthetiek, betekenis voor de wetenschap of
cultuurhistorische waarde;
2. terrein dat van algemeen belang is wegens een daar aanwezige
zaak bedoeld onder 1.
gemeentelijk monument:
onroerend zaak of terrein, die overeenkomstig de bepalingen van
deze verordening, als beschermd gemeentelijk monument is
aangewezen en als bedoeld in artikel 2.2 lid 1 onder b, van de
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
beschermd monument:
beschermd monument als bedoeld in artikel 1.1, lid 1,
van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
gemeentelijk dorpsgezicht:
groep onroerende zaken, onder andere bomen, wegen,
straten, pleinen, bruggen, vaarten, sloten en andere wateren die
van algemeen belang zijn wegens hun schoonheid, hun onderlinge
ruimtelijke of structurele samenhang dan wel hun
wetenschappelijke of cultuurhistorische waarden en in welke
groep zich één of meer monumenten bevinden, die overeenkomstig
de bepalingen van deze verordening zijn aangewezen als beschermd
gemeentelijk dorpsgezicht.
beeldbepalende zaak:
zaak, geen monument zijnde, waarvan de hoofdvorm van
algemeen belang is,
1. als kenmerkende uitdrukking van een bepaalde bouwwijze,
architectuur, verkaveling of typologie;
2. als kenmerkend overblijfsel van de historische
ontwikkeling;
3. en als zodanig overeenkomstig de bepalingen van deze
verordening als beeldbepalend zaak is aangewezen.
gemeentelijk groenmonument:
een boom of een groep van bomen, al dan niet een
compositie vormend met de directe omgeving, welke door de
cultuurhistorische context en verschijning, beeldbepalend en
kenmerkend is voor het karakter van de gemeente Wassenaar, die
overeenkomstig de bepalingen van deze verordening is aangewezen
als beschermd gemeentelijk groenmonument.
gemeentelijk kerkelijk
monument:
monument dat eigendom is van een kerkgenootschap,
kerkelijke gemeente of parochie of van een kerkelijke instelling
en dat uitsluitend of voor een overwegend deel wordt gebruikt
voor het gezamenlijk belijden van de godsdienst of
levensovertuiging, dat overeenkomstig de bepalingen van deze
verordening is aangewezen als beschermd gemeentelijk
kerkmonument.
gemeentelijke monumentenlijst:
de lijst waarop de overeenkomstig deze verordening
aangewezen gemeentelijke (groen-) monumenten, gemeentelijke
dorpsgezichten en beeldbepalende zaken zijn geregistreerd.
Commissie Welstand en Cultureel
Erfgoed:
de op basis van artikel 15 Monumentenwet 1988 door de
raad ingestelde commissie met als taak het college van
burgemeester en wethouders op verzoek of uit eigen beweging te
adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, deze
verordening en het gemeentelijk erfgoedbeleid.
bouwhistorisch onderzoek:
een schriftelijke rapportage van het onderzoek naar de
bouw en, indien van toepassing, bewoningsgeschiedenis van een
monument.
redengevende omschrijving:
een omschrijving, bedoeld voor (groen-)monumenten,
beeldbepalende zaken en dorpsgezichten die bestaat uit algemene
gegevens, een omschrijving van de bestaande toestand en een
waardestelling.
archeologisch monument:
monument als bedoeld onder a, sub
2, dat van algemeen belang is wegens zijn betekenis voor de
wetenschap of wegens zijn cultuurhistorische waarde op grond van
historische gegevens of archeologisch onderzoek of
waarnemingen,die overeenkomstig de bepalingen van deze
verordening is aangewezen als beschermd gemeentelijk
archeologisch monument.
archeologisch onderzoek:
een in een schriftelijke rapportage
vastgelegd inventariserend onderzoek naar de aard, omvang en
kwaliteit van het bodemarchief.
gemeentelijke archeologische waarden- en
verwachtingenkaart:
een door het college vastgestelde topografische kaart
van het gemeentelijke grondgebied of delen van het grondgebied,
waarop archeologisch waardevolle gebieden en archeologische
verwachtingsgebieden zijn aangegeven.
o archeologisch waardevol
gebied:
gebied, aangegeven op de gemeentelijk archeologische waarden- en
verwachtingenkaart, waarvan is vastgesteld dat er archeologische
vondsten of sporen aanwezig zijn.
archeologisch verwachtingsgebied:
gebied, aangegeven op de gemeentelijk archeologische waarden- en
verwachtingenkaart waarvan kan worden verwacht dat er
archeologische vondsten of sporen aanwezig zijn.
hoge verwachtingswaarde:
grote kans op archeologische vondsten of informatie.
middelhoge
verwachtingswaarde:
gemiddelde kans op archeologische vondsten of informatie.
lage verwachtingswaarde:
kleine kans op archeologische vondsten of
informatie.
plan van aanpak:
plan dat weergeeft hoe een archeologische uitvoerder de vragen
zoals omschreven in het programma van eisen denkt te gaan
beantwoorden.
programma van eisen:
programma dat door het college wordt vastgesteld en waarmee
kaders worden gesteld voor het ontwerp en de uitvoering van
archeologisch onderzoek.
het college:
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
Wassenaar.
bevoegd gezag:
bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet
algemene bepalingen omgevingsrecht.
vergunning:
een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,
of artikel 2.2 van de Wet algemene bepalingen
omgevingsrecht.
Wabo:
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.