De bepalingen met betrekking tot de ontwerpbegroting zijn mede van toepassing op wijzigingen van de begroting, met uitzondering van het bepaalde in artikel 34, eerste, derde en vierde lid van de wet, voor zover het betreft wijzigingen van de begroting die voor de gemeenten budgettair neutraal zijn, zowel wat betreft de exploitatie-uitgaven als de investeringen.
Hoofdstuk
Artikel 30: