Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3

Artikel 34

Stemming over personen

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Roermond

1. Wanneer een stemming over personen voor het doen van een voordracht of het opstellen van een voordracht of aanbeveling moet plaatshebben, benoemt de voorzitter twee leden tot stembureau. 2. Ieder ter vergadering aanwezig lid dat zich niet op grond van artikel 28 Gemeentewet van stemming moet onthouden, is verplicht een stembriefje in te leveren. 3. Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van de voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje. 4. Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen niet gelijk zijn, worden de stembriefjes vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe stemming gehouden. 5. Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te hebben uitgebracht, die leden die geen behoorlijk stembriefje hebben ingeleverd. Onder een niet behoorlijk stembriefje wordt verstaan: een blanco stembriefje; een ondertekend stembriefje; een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld, tenzij de stemming verschillende vacatures betreft; een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt. 6. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist het stembureau. 7. Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel