Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 2

Artikel 25

Advies

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies 2018

1.. Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht en behandeld, sluit hij de beraadslaging, tenzij de raadscommissie anders beslist. 2.. Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de raadscommissie of een advies aan de raad wordt uitgebracht. 3.. Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de inhoud van het advies. 4.. In het advies worden de standpunten, dat wil zeggen opinies, van alle leden afzonderlijk opgenomen. Een lid kan daarbij laten aantekenen namens een raadsfractie te adviseren. 5.. Indien geen advies wordt uitgebracht aan de raad en het onderwerp voldoende is behandeld, kan de voorzitter concluderen dat de commissie door het college(lid) toereikend is geïnformeerd dan wel dat de commissie toereikend overleg heeft gevoerd met het college(lid). 6.. Indien de voorzitter concludeert als in lid 5 aangegeven, wordt het onderwerp aansluitend weer in handen van het college gegeven. In de overige gevallen is het onderwerp in handen van de gemeenteraad. 7.. Indien de voorzitter met betrekking tot een voorstel van het college concludeert dat zich tijdens de commissiebehandeling nieuwe of onvoorziene feiten en/of omstandigheden hebben aangediend die inhoudelijk van invloed kunnen zijn voor de raadsbehandeling c.q. advisering aan de raad, geeft de voorzitter de agendacommissie in overweging om het voorstel in handen te stellen van het college zodat hij aanvullend kan adviseren.

Rechtspraak bij dit artikel