VRAAGSTELLING
Aan de kiesgerechtigden wordt door middel van een stembiljet de vraag voorgelegd of zij voor dan wel tegen de in het betreffende concept beslissing vervatte besluit zijn.
De vraagstelling dient beperkt te blijven en helder en eenduidig beantwoordbaar te zijn met hetzij ja hetzij nee, hetzij het kenbaar maken van een voorkeur voor een van de voorgelegde alternatieven, een en ander door middel van het aankruisen van een daartoe bestemd vakje.
De vraagstelling wordt door de raad vastgesteld. De raad kan bepalen over de formulering van de vraagstelling het advies in te winnen van (een) daartoe ter zake deskundige(n).
Het college stelt de nadere vormvoorschriften van het stembiljet vast.