Naar hoofdinhoud
Onverminderd artikel 9, eerste tot en met derde lid, van de ASV wordt een subsidie in ieder geval geweigerd als: bij de rangschikking aan de hand van artikel 6, tweede lid, minder dan 60 punten zijn toegekend aan de aanvraag; bij de rangschikking aan de hand van artikel 7, tweede lid, minder dan 60 punten zijn toegekend aan de aanvraag; bij de rangschikking aan de hand van artikel 8, tweede lid, minder dan 60 punten zijn toegekend aan de aanvraag. Onverminderd artikel 9, eerste tot en met derde lid, van de ASV kan een subsidie worden geweigerd als: niet is voldaan aan één van de in deze regeling genoemde vereisten; uit de aanvraag naar oordeel van het college onvoldoende blijkt dat de aanvrager gedurende de volledige subsidieperiode in staat zal zijn te beschikken over het kwalitatief en kwantitatief benodigde personeel en materieel voor de naar verwachting door hem uit te voeren subsidiabele activiteiten, uitgaande van de prognose en inhoudelijke uitgangspunten, bedoeld in artikel 5. De subsidie zal in ieder geval worden ingetrokken als het aan de subsidieontvanger afgegeven certificaat als bedoeld in artikel 3.4 van de Jeugdwet wordt ingetrokken. De subsidie kan in ieder geval worden ingetrokken als: naar oordeel van het college niet langer aannemelijk is dat de subsidieontvanger gedurende de resterende subsidieperiode kan beschikken over het kwalitatief en kwantitatief benodigde personeel en materieel voor de naar verwachting door hem uit te voeren subsidiabele activiteiten, uitgaande van de prognose bedoeld in artikel 5; er sprake is van frauduleus handelen; naar oordeel van het college het handelen van bestuurders van de subsidieontvanger de zorgcontinuïteit of de regelmatige uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten in gevaar dreigen te brengen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel