1. Een aansluitvergunning kan slechts worden geweigerd indien aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of wijziging van die aansluiting vanwege technische, juridische of milieuhygiënische redenen bezwaarlijk is.
2. Aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of wijziging van die aansluiting is in ieder geval bezwaarlijk en wordt geweigerd indien:
a. de hoogteligging van het aansluitpunt (binnenonderkant buis) lager ligt dan de bovenzijde van het openbaar riool, vermeerderd met 20 centimeter plus de benodigde hoogte voor het afschot van de aansluitleiding
b. de bovenzijde van een lozingtoestel (zoals een toilet of wasbak) lager is gelegen dan de kruin van de straat, tenzij via een pompinstallatie voorzien van terugslagklep wordt aangesloten;
c. het een lozing van niet verontreinigd drainagewater betreft, anders dan op het drainagestelsel of een gescheiden stelsel waaraan uitdrukkelijk de functie van drainagestelsel is toegekend;
d. het een lozing van hemelwater betreft zonder dat op eigen terrein voorzieningen zijn aangelegd voor infiltratie op eigen terrein;
e. het een lozing van hemelwater betreft op een locatie waar geen infiltratievoorziening mogelijk is op eigen terrein en de aanvrager geen financiële bijdrage wil geven om dit tekort elders te compenseren;
f. de gevraagde aansluiting een afvoerleiding voor niet verontreinigd bronneringswater betreft, die zonder bezwaar op het oppervlaktewater kan worden aangesloten of middels retourbemaling kan worden afgevoerd;
g. een omgevingsvergunning of een Wet milieubeheer-vergunning voor het aan te sluiten perceel is geweigerd.
h. de gevraagde aansluiting een afvoerleiding betreft die niet voldoet aan de eisen die daaraan krachtens de bouwregelgeving zijn gesteld;
i. de gevraagde aansluiting een lozing van afvalwater betreft, die niet voldoet aan de eisen die daaraan krachtens de milieuwetgeving zijn gesteld;
j. het openbaar riool ter plaatse van de aansluitleiding niet over voldoende capaciteit beschikt om de hoeveelheid te lozen afvalwater te kunnen afvoeren;
k. de rechthebbende bij het aanbrengen van de benodigde voorzieningen op particulier terrein geen recht van opstal of andere erfdienstbaarheid wil vestigen ten behoeve van de gemeente;
l. de lozing van het afvalwater de doelmatige werking van het riool belemmert.
Hoofdstuk 2
Artikel 4.
Weigering van de aansluitvergunning
Onderdeel van Aansluitverordening riolering 2018