Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1.1

Artikel 1.1.1

Eigen kracht en/of gebruikelijke hulp

Onderdeel van Uitvoeringsregels maatwerkvoorzieningen Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Haarlem 2018

Er kan een probleem bij het voeren van een huishouden ontstaan doordat degene die gewend is voor het huishouden te zorgen, dit al dan niet tijdelijk, niet meer kan doen. De gemeente gaat ervan uit dat volwassenen en huisgenoten een bijdrage leveren aan het huishouden. Dit houdt in dat er zowel van volwassen als jonge huisgenoten een bijdrage wordt verlangd. Bij gebruikelijke hulp wordt rekening gehouden met de leeftijd en belastbaarheid van de huisgenoot Van iedere huisgenoot wordt verwacht dat deze een huishouden kan voeren, naast een volledige baan, het volgen van een opleiding of andere activiteiten in het kader van maatschappelijke participatie. Als gebruikelijke hulp geleverd wordt door (fulltime) werkenden, wordt met het werk en daarmee samenhangende drukte ten aanzien van huishoudelijke taken geen rekening gehouden. Stofzuigen of de badkamer schoonmaken kan immers ook in het weekend of vrije tijd verricht worden door werkenden in het kader van gebruikelijke hulp. Particuliere hulp bij het huishouden is niet voorliggend op de Wmo, maar kan een goedkoper alternatief bieden voor de burger, omdat de hoogte van de eigen bijdrage afhankelijk is van de hoogte van het inkomen en het vermogen.

Rechtspraak bij dit artikel