Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2

Burgerleden

Onderdeel van Verordening op de raadsvoorbereiding 2018

1.. Een burgerlid dient in handen van de raadsvoorzitter in een voorbereidende vergadering de volgende eed of de verklaring en belofte af te leggen: Ik zweer (verklaar) dat ik, om als burgerlid te kunnen optreden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in deze functie te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als burgerlid naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig (Dat verklaar en beloof ik). 2. . Uit een fractie getreden raadsleden, vormende een groep, kunnen geen burgerleden hebben.

Rechtspraak bij dit artikel