Naar hoofdinhoud
Met betrekking tot de onroerende-zaakbelastingen die worden geheven van gebruikers van niet-woningen, respectievelijk bedrijfsruimten, wordt de aanslag in onderstaande volgorde gesteld ten name van: 1. degene die ook als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht wordt aangemerkt; 2. degene die het huurcontract van het belastingobject op naam heeft; 3. degene die volgens het handelsregister het langst het adres van het belastingobject als vestigingsadres voert; 4. degene die een nutsvoorziening van het belastingobject op naam heeft; 5. degene die bij afdeling Financiën als belastingplichtige in de administratie voorkomt; 6. degene die op andere wijze als gebruiker van het belastingobject naar voren komt.

Rechtspraak bij dit artikel