Het persoonsgebonden budget wordt uitsluitend gebruikt voor betaling van het geïndiceerde hulpmiddel, de geïndiceerde aanpassing van een hulpmiddel, de geïndiceerde woningaanpassing danwel de geïndiceerde dienst en de daarmee samenhangende kosten.
Het hulpmiddel, aanpassing van een hulpmiddel, dan wel woningaanpassing, of de dienst die de cliënt inkoopt met het persoonsgebonden budget dient adequaat, veilig, cliëntgericht en kwalitatief verantwoord te zijn.
De cliënt levert vóór verstrekking van het persoonsgebonden budget, maar na bepaling van de noodzaak voor een hulpmiddel dan wel aanpassing dan wel dienst, een budgetplan aan waarin omschreven staat:
de reden waarom een hulpmiddel, aanpassing of dienst in natura niet geschikt geacht wordt;
het soort hulpmiddel, de aanpassing of dienst die ingekocht gaat worden;
wie de ondersteuning begeleiding gaat uitvoeren en/of waar het hulpmiddel dan wel aanpassing gekocht wordt;
welk resultaat met het hulpmiddel, de aanpassing of de dienst moet worden behaald en op welke wijze;
hoe de veiligheid, cliëntgerichtheid en doeltreffendheid van het hulpmiddel, de aanpassing of de dienst is gewaarborgd;
het tarief dat betaald moet worden aan de leverancier.
Een persoonsgebonden budget dient door de cliënt binnen zes maanden na toekenning te worden aangewend ten behoeve van het resultaat waarvoor het is verstrekt.
De budgethouder is verplicht om gebruik te maken van de op zijn situatie van toepassing zijnde model Zorgovereenkomst van de Sociale Verzekeringsbank.
de Zorgovereenkomst SVB moet aan de gemeente worden aangeboden om deze zorginhoudelijk te laten toetsen
cliënt dient het college te informeren over de gewijzigde omstandigheden die aanleiding zijn voor een wijzigingsverzoek van de Zorgovereenkomst aan de SVB, zodat dit getoetst kan worden
het college toetst of het toegestaan kan worden dat de vertegenwoordiger van de budgethouder dezelfde (rechts)persoon mag zijn als de PGB-zorgverlener
in de Zorgovereenkomst SVB mag bij ”vergoeding” niet gekozen worden voor een vast maandbedrag.
de PGB-houder is gehouden de documenten aan te leveren die de gemeente in staat stelt om te beoordelen of de PGB-dienstverlener voldoet aan de (kwaliteits)criteria van de gemeente om aan de hand hiervan het PGB-tarief te kunnen vaststellen.
Ondersteuningsplan PGB
Aan de PGB-houder/PGB-vertegenwoordiger wordt bij de toekenning van de voorziening met PGB-bekostigingsvorm de verplichting opgelegd om binnnen zes weken na datum beschikking aan het college een door de zorgverlener ondertekend ondersteuningsplan te overleggen;
Het ondersteuningsplan dient aan te sluiten op de indicatie afgegeven door het college en het budgetplan PGB.
Het ondersteuningsplan dient inzicht te geven in de wijze waarop er gewerkt wordt aan de gestelde doelen uit de afgegeven indicatie door het college en hoe wordt voldaan aan de daarbij noodzakelijke kwaliteitscriteria.
Voldoet de PGB-houder/PGB-vertegenwoordiger niet aan de in lid 6 onder a genoemde voorwaarde binnen de gestelde termijn trekt het college het besluit voor de indicatie met PGB-bekostigingsvorm in en biedt de cliënt de noodzakelijk geachte ondersteuning alsnog in de vorm van zorg in natura.
Hoofdstuk 9.
Artikel 17-