Naar hoofdinhoud
1.. De ambtenaar dient voor gebruik van de bedrijfsauto: sleutel, kentekenbewijs en overige bescheiden van de auto in ontvangst te nemen; de auto op beschadigingen te controleren en te controleren of voldoende brandstof aanwezig is. 2.. De ambtenaar dient tijdens het gebruik van de bedrijfsauto: te beschikken over een geldig rijbewijs en de auto zelf te besturen; in het logboek van de auto de kilometerstanden, tijdstippen en bezochte adressen in te vullen. 3.. De ambtenaar dient na gebruik van de bedrijfsauto: de bedrijfsauto met een gevulde tank op de aangewezen plaats te parkeren; de auto te controleren en elke schade aan de bedrijfsauto te melden; sleutel, kentekenbewijs en overige bescheiden van de auto in te leveren.

Rechtspraak bij dit artikel