Het houden van toezicht is opgedeeld in drie pijlers, te weten preventie, het uitvoeren van onderzoek en het sanctioneren bij geconstateerde overtredingen. In de kaders staan mogelijkheden beschreven voor het uitvoeren van onderzoek (“toetsing”) en preventief werken. Omdat sanctionering bijna altijd maatwerk vraagt dienen de gemeenten hierover afstemming te zoeken op het moment dat onrechtmatigheden of onvoldoende kwaliteit zijn geconstateerd. Die afstemming kan gezocht worden door de medewerkers binnen de aangesloten gemeenten die zich met sanctionering bezig (gaan) houden.
Hoewel het logisch lijkt om alles op alles te zetten om onrechtmatigheden en onvoldoende kwaliteit te voorkomen zit hier een keerzijde aan. Des te meer eisen aan de voorkant, des te minder ruimte er is voor innovatieve zorg. Hierin zal een afgewogen keuze gemaakt moeten worden en misschien wel differentiatie plaats moeten vinden per zorgvorm of wijze van vergoeding van zorg. Toch zijn er genoeg mogelijkheden om onrechtmatigheden en onvoldoende kwaliteit te voorkomen, of de voorwaarden te creëren om op te kunnen treden bij eventuele onrechtmatigheden en constatering van onvoldoende kwaliteit. Deze mogelijkheden en voorwaarden zijn in het kader verwerkt.
Onderzoek wordt signaal gestuurd, steekproefsgewijs en risico gestuurd uitgevoerd. Signalen worden gegenereerd en gekanaliseerd, waarna besloten wordt wel of niet onderzoek te doen. De steekproeven kunnen “at random” plaatsvinden, of in combinatie met risico gestuurd onderzoek. Voor dat laatste zijn data nodig en dienen risicofactoren te worden benoemd. Enkele variabelen die kunnen duiden op een hoger risico op onrechtmatigheden of onvoldoende kwaliteit zijn benoemd in het toetsingskader Rechtmatigheid.
In de onderzoeken staan interviews met de cliënten centraal. In geval van rechtmatigheidsonderzoeken wordt vooraf administratief vooronderzoek verricht. Van het interview en- indien van toepassing - het administratief vooronderzoek wordt rapport opgemaakt, de bevindingen dienen als basis voor een eventueel vervolgonderzoek, ter verbetering van de preventie of in sommige gevallen als input voor sanctionering. Deze wijze van onderzoeken wordt gehanteerd door toezichthouders van gemeenten en zorgkantoren, omdat vanwege de onderzoeksopzet effectief onrechtmatigheden of slechte kwaliteit van zorg kunnen worden aangetoond en de preventie kan worden verbeterd.
Per casus wordt beoordeeld of er een sanctie opgelegd dient te worden, aan wie (cliënt of zorgaanbieder) en wat deze sanctie zou moeten zijn. Over de wijze en inhoud van sanctionering wordt afstemming gezocht in de regio, omdat aanbieders niet zelden voor cliënten uit meerdere gemeenten werken. Bij het Kwaliteitskader geldt dat sanctioneren middels ingebrekestelling plaatsvindt. De zorgaanbieder krijgt dan de mogelijkheid om binnen een redelijke termijn alsnog te voldoen aan de gestelde Kwaliteitscriteria en operationele eisen.
Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1.5
Artikel 1.5.3
Preventie/ onderzoek/ sancties
Onderdeel van Uitvoeringsregels Wet maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp 2018, eerste wijziging