Indien in lokalen, dan wel in, of op bij lokalen behorende erven drugshandel in harddrugs plaatsvindt dan volgt in principe:
a. bij een eerste constatering hiervan een sluiting van het lokaal en het bijbehorende erf van 4 maanden;
b. bij een tweede constatering hiervan binnen drie jaar na de eerste constatering, een slui-ting van het lokaal en het bijbehorende erf van 9 maanden;
c. bij een derde constatering hiervan binnen drie jaar na de tweede constatering, een slui-ting van het lokaal en het bijbehorende erf van anderhalf jaar.
Indien in lokalen, dan wel in, of op bij lokalen behorende erven drugshandel in softdrugs plaatsvindt dan volgt:
a. bij een eerste constatering hiervan een sluiting van het lokaal en het bijbehorende erf van een maand;
b. bij een tweede constatering hiervan binnen drie jaar na de eerste constatering, een slui-ting van het lokaal en het bijbehorende erf van 4 maanden;
c. bij een derde constatering hiervan binnen drie jaar na de tweede constatering, een slui-ting van het lokaal en het bijbehorende erf van 9 maanden.
Een lokaal en het bijbehorende erf worden gesloten door het opleggen van een last onder bestuursdwang. Hierbij wordt een begunstigingstermijn gehanteerd van 2 weken.
Factoren die onder meer meewegen bij de vraag of van het bovengenoemde principe wordt afgeweken zijn:
a. bijzondere belangen aan de kant van bewoners en/of eigenaars/verhuurders;
b. er is een combinatie van harddrugs en softdrugs;
c. er is sprake van een grote rol in het lokale drugscircuit;
d. er is sprake van een bijzonder grote overlast voor de omgeving.