Het bestuursmandaat heeft geen betrekking op:
besluiten, die leiden tot de vaststelling of wijziging van de hoofdlijnen van gemeentelijk beleid;
besluiten tot het vaststellen van beleidsregels als bedoeld in artikel 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht;
besluiten tot het aangaan van convenanten;
besluiten tot het vaststellen van subsidieplafonds;
besluiten tot het geheel of gedeeltelijk weigeren van een subsidie als bedoeld in artikel 4:51 van de Algemene wet bestuursrecht;
beslissingen naar aanleiding van een klacht in de zin van Hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht, indien en voor zover de burgemeester en/of een wethouder bij de ingediende klacht als beklaagde direct betrokken zijn;
besluiten die op grond van artikel 10:3 van de Algemene wet bestuursrecht uitgesloten zijn van mandatering.
Artikel 3