Mantelzorg is één van de, in belangrijkheid toenemende, pijlers van maatschappelijke ondersteuning. Deze vorm van (informele) zorgverlening voorkomt of beperkt in belangrijke mate de noodzaak tot inzet van maatwerkvoorzieningen. Het bieden van mantelzorg kan echter een behoorlijke impact hebben op iemands leven. Vanuit het perspectief van (de inzet van) maatwerkvoorzieningen is het van wezenlijk belang dat de mantelzorger in staat blijft deze vorm van zorg te verlenen. Hierbij kan ondersteuning worden geboden in de vorm van respijtzorg.
Er zijn veel manieren om de mantelzorgers te ontlasten. Binnen Oosterhout zijn er voorzieningen van algemene aard beschikbaar om mantelzorgers te ondersteunen. Ondersteuning die onder andere vanuit Surplus Welzijn en Surplus Informele zorg wordt geleverd. Naast de inzet van de algemene voorzieningen kan ook de tijdelijke inzet van maatwerkvoorzieningen vereist zijn om te voorkomen dat de mantelzorger(s) en/of vrijwilliger(s) overbelast raken. Respijtzorg betreft dus een noodvoorziening en is gericht op het (tijdelijk) ontlasten van de mantelzorger(s) en/of vrijwilliger(s).
Welke maatwerkvoorziening van toepassing is verschilt per situatie. Zo kan de inzet van hulp bij huishouden de mantelzorger ontlasten die naast alle regel- en zorgtaken ook het huishouden van de inwoner overneemt.
Het verstrekken van een Wmo-deeltaxipas kan de mantelzorger ontlasten die met grote regelmaat gevraagd wordt voor het vervoer van een inwoner en dit niet meer vol kan houden.
Ook het inzetten van dagbesteding of kortdurend verblijf is een mogelijkheid.
Het aanvragen van deze respijtzorg gebeurt conform de bepalingen in hoofdstuk 2 van dit uitvoeringsbesluit.
Een vorm van respijtzorg kan zijn, een kortdurend verblijf in een instelling. Bij kortdurend verblijf logeert iemand (maximaal drie etmalen per week) in een instelling. Bijvoorbeeld in een gehandicapteninstelling, verpleeghuis of verzorgingshuis. Het kan ook een aanééngesloten periode betreffen, wanneer de mantelzorger op vakantie gaat. Hierdoor wordt de mantelzorger ontlast, zodat deze de zorg langer kan volhouden en de cliënt thuis kan blijven wonen. Kortdurend verblijf kan ook worden ingezet om een periode van rust te creëren in de thuissituatie.
Kortdurend verblijf is bedoeld voor mensen die permanent toezicht nodig hebben. Bijvoorbeeld als er valgevaar is, als cliënt zelf niet in staat is hulp in te roepen als dat nodig is of omdat er ernstige gedragsproblemen zijn. Dat toezicht kan ook een vorm van actieve observatie zijn, zoals bij kinderen met een lichamelijke beperking waarbij ouders actief de vitale functies van het kind moeten controleren. Het kan ook gaan om constante zorg of zorg op ongeregelde tijdstippen bijvoorbeeld voor iemand met een ernstige hartaandoening of dementie.
De omvang van kortdurend verblijf is één, twee of drie etmalen per week; afhankelijk van wat noodzakelijk is in de specifieke situatie van de cliënt. Er is een maximum van drie etmalen per week gesteld, omdat het logeren betreft; bij meer dan drie etmalen in een instelling is er sprake van opname, waarvoor een indicatie op grond van Wlz moet worden gesteld.
Hierop kan in specifieke situaties een uitzondering worden gemaakt om bijvoorbeeld een periode van aanééngesloten etmalen toe te kennen, zodat de mantelzorger op vakantie kan.
In de instelling waar de cliënt kortdurend verblijft, wordt de dagelijkse zorg overgenomen. Wanneer verpleging nodig is, moet dit geregeld worden via de zorgverzekering. Behandeling behoort nadrukkelijk niet bij kortdurend verblijf.
De cliënt is zelf verantwoordelijk voor vervoer van en naar de instelling voor kortdurend verblijf. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van eigen vervoer of van hulp uit het eigen netwerk. Wanneer de cliënt beperkingen heeft op het gebied van vervoer, zal hij doorgaans in het bezit zijn van een pasje voor de deeltaxi, waarmee hij zich naar de instelling kan vervoeren. Kortdurend verblijf kent, anders dan school of dagbesteding, geen exacte starttijden, zodat gebruik van een collectief vervoerssysteem als deeltaxi (eventueel met begeleider) een geschikte oplossing biedt.
De inzet van kortdurend verblijf door de gemeente beperkt zich tot de Wmo 2015. In het kader van de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Zorgverzekeringswet (Zvw) bestaan soortgelijke voorzieningen, respectievelijk logeeropvang en kortdurend eerstelijns verblijf.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.5
Artikel 3.5.8
Respijtzorg/mantelzorg
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit Maatschappelijke Ondersteuning gemeente Oosterhout 2017