Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Aangepaste beleidsregel Subsidieverstrekking groene daken 2018

In deze beleidsregel wordt verstaan onder: a. gebouw: een gebouw is elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. b. college: het college van B&W van Utrecht; c. dak(constructie): samenstelling van balken (hout of staal), regels en bebording of betonnen plaat, die sterk genoeg is om de dakbedekking van een gebouw te dragen en de wind- / regen-/ en sneeuwbelasting op te vangen. De dakconstructie moet zodanig zijn dat deze beloopbaar is voor onderhoud en inspectie; d. extensieve groene daken: daken die voldoen aan de volgende voorwaarden: - bevatten een vegetatiepakket minimaal opgebouwd uit een wortelkerende laag, een drainagelaag of waterbergingslaag, een substraatlaag en een vegetatielaag met droogteresistente soorten. - zijn alleen voor onderhoud en inspectie toegankelijk en hebben geen gebruiksfunctie. - het gewicht van het vegetatiepakket in verzadigde toestand ligt tussen de 40 en 200 kg per vierkante meter - het vegetatiepakket heeft een waterberging van minimaal 15 liter per m2. e. intensieve groene daken: daken die voldoen aan de volgende voorwaarden: - bevatten een vegetatiepakket minimaal opgebouwd uit een wortelkerende laag, een drainagelaag of waterbergingslaag, een substraatlaag en een vegetatielaag met een grote variatie aan soorten, waarvan maximaal 50% van de toegepaste plantensoorten sedum en mossen zijn. - het gewicht van het vegetatiepakket in verzadigde toestand is minimaal 200 kg per vierkante meter - het vegetatiepakket heeft een waterberging van minimaal 45 liter per m2 f. monument: een onroerende zaak die is opgenomen in het monumentenregister zoals bedoeld in de Monumentenwet 1988, dan wel een onroerende zaak die is geplaatst op de gemeentelijke monumentenlijst zoals bedoeld in de vigerende monumentenverordening; g. woonwagen: voor bewoning bestemd gebouw als bedoeld in de Woningwet dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst; h. woonboot: een vaartuig, daaronder begrepen een object te water, dat hoofdzakelijk wordt gebruikt als of is bestemd tot woonverblijf, niet zijnde een object dat valt onder de Woningwet en dat uit hoofde van zijn feitelijke bestemming of gebruik plaatsgebonden is; i. platte daken: daken met een hellingshoek ten opzichte van de horizontaal van kleiner dan of gelijk aan 3 graden.; j. schuine daken: daken met een grotere hellinghoek dan 3 graden. Daken met een helling groter dan 15 graden komen niet in aanmerking voor subsidie; k. subsidieplafond het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies zoals bedoeld in artikel 4:22 Algemene wet bestuursrecht en artikel 4 Algemene subsidieverordening 2014 van de gemeente Utrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel