Met ingang van 1 januari 2017 is het college bevoegd om de boete geheel of gedeeltelijk kwijt te schelden bij medewerking en succesvol afronden van een schuldregeling (artikel 18a lid 13 PW). Het college maakt gebruik van deze bevoegdheid op verzoek van belanghebbende(n) indien door belanghebbende(n) aan de volgende cumulatieve voorwaarden wordt voldaan;
a. T.a.v. de overtreding waarvoor de bestuurlijke boete is opgelegd is geen sprake van opzet of grove schuld.
b. Binnen een jaar nadat de bestuurlijke boete is opgelegd, is niet nogmaals een overtreding wegens een zelfde gedraging begaan.
c. Kwijtschelding gebeurt enkel n.a.v. een verzoek daartoe van de belanghebbende(n).
Het betreft een bevoegdheid en geen verplichting. Kwijtschelding van de boete bij medewerking aan een schuldregeling kan alleen worden toegepast als aan de voorwaarden a t/m c wordt voldaan. Andere redenen zijn wettelijk niet toegestaan. Daarnaast moet belanghebbende zelf verzoeken om de kwijtschelding. Het college is niet bevoegd om dit ambtshalve te doen. Indien niet aan alle voorwaarden is voldaan kan de bestuurlijke boete niet geheel of gedeeltelijk worden kwijtgescholden. Het college maakt gebruik van deze bevoegdheid indien belanghebbende volledig meewerkt aan een schuldenregeling en deze succesvol heeft afgerond.
Finale kwijting (van een restant) van een bestuurlijke boete artikel 18a lid 13 PW kan alleen worden verleend onder opschortende voorwaarden zodat recht wordt gedaan aan artikel 18a lid 14 PW. De op schortende voorwaarden dienen expliciet aan belanghebbende te worden medegedeeld in een besluit. Als belanghebbende de voorwaarden niet nakomt is het college verplicht het besluit tot kwijtschelding van de bestuurlijke boete te herzien of in te trekken (artikel 18a lid 14 PW).
Artikel 8
Kwijtschelding bestuurlijke boete
Onderdeel van Beleidsregels bestuurlijke boete Participatiewet, Bbz 2004, IOAW en IOAZ gemeente Schouwen-Duiveland 2017