Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 4.

Artikel 2:28

Exploitatie openbare inrichting

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Someren 2018

Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. De burgemeester kan dit verbod beperken tot bepaalde gebieden en of categorieën van bedrijven. De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning slechts geheel of gedeeltelijk weigeren indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat: de woon- of leefsituatie in de omgeving de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; of de exploitant of leidinggevende in enig opzicht van slecht levensgedrag. Bij de toepassing van de in het derde lid genoemde weigeringsgrond houdt de burgemeester rekening met het karakter van de straat en de wijk, waarin de openbare inrichting is gelegen of zal gelegen zijn, de aard van de openbare inrichting en de spanning, waaraan het woonmilieu ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan door de exploitatie. Het eerste lid geldt niet voor een openbare inrichting in een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteit van de openbare inrichting een nevenactiviteit is van de winkelactiviteit. In afwijking van artikel 2:29 gelden voor zowel de winkel als de openbare inrichting in dat geval dezelfde sluitingstijden van de Winkeltijdenwet. Een vergunning voor het exploiteren van een openbare inrichting, waarin alcoholhoudende dranken worden verkocht, vervalt indien de leidinggevende van de openbare inrichting niet in het bezit is van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet. De aanvraag om vergunning vindt plaats aan de hand van een door de burgemeester vastgesteld formulier. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid en op de vrijstelling bedoeld in het vijfde lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel