Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. › Afdeling 1. Parkeerexcessen en stopverbod

Artikel 5:8

Parkeren van grote voertuigen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Someren 2018

Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter of een hoogte van meer dan 2,4 meter te parkeren op de weg binnen de bebouwde kom of op een door het college aangewezen plaats, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter te parkeren op de weg binnen de bebouwde kom of op een door het college aangewezen plaats, waar dit naar zijn oordeel buitensporig is met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte. Het tweede lid is niet van toepassing op werkdagen van maandag tot en met vrijdag, dagelijks van 08.00 tot 18.00 uur. Het in het eerste en tweede lid gestelde verbod geldt voor de bebouwde kom niet voor: op de door de gemeente aangelegde parkeerterreinen voor genoemde grote voertuigen; rijdende winkels; wagens van kermisexploitanten; sleepwagens e.d. welke ten behoeve van het wegverkeer terstond uit moeten kunnen rukken; brandweer- en politievoertuigen; autobussen in lijndienst; voertuigen welke worden gebezigd bij de uitvoering van openbare werken en bij bouwwerkzaamheden voorzover zij in de onmiddellijke nabijheid van het werk worden geparkeerd; campers, kampeerauto’s, caravans en kampeerwagens, voor zover deze voertuigen niet langer dan drie achtereenvolgende dagen op de weg worden geplaatst of gehouden. Het college kan ontheffing verlenen van de verboden. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel