Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf

Artikel 2

Structurele subsidiëring activiteiten amateuristische kunstbeoefening en cultuurbeleving

Onderdeel van Subsidieregeling gemeente Kapelle

1.. Voor structurele subsidie komen activiteiten in aanmerking die: jongeren kennis laten maken met vormen van kunstbeoefening en cultuurbeleving als onderdeel van hun ontwikkeling naar volwassenheid; de inzet van kunstbeoefening en cultuurbeleving bevorderen voor het realiseren van doelen gesteld binnen het preventiebeleid of andere beleidsterreinen; het behoud van cultureel erfgoed vervorderen en activiteiten die het cultureel erfgoed toegankelijk maken voor publiek. 2.. Om voor subsidie in aanmerking te komen moeten plaatselijke en regionale instellingen zich op grond van hun statuten zonder winstoogmerk bezig houden met het in groepsverband beoefenen van een vorm van amateurkunst. 3.. Instellingen die voldoen aan het gestelde in het tweede lid moeten tevens: een minimum aantal van 10 werkende Kapelse leden hebben per 1 januari van het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd; een minimumcontributie van € 25, - per lid per jaar heffen; beschikken over deskundige leiding. 4.. Van harmonieën, fanfares, brassbands, tamboer- en majorettekorpsen wordt verwacht dat zij gratis meewerken aan of optreden bij de viering van verjaardagen van leden van het koninklijk huis, bij nationale feestdagen en/of andere gelegenheden. 5.. Bij de berekening van de subsidie gaat het college uit van het aantal (jeugd en /of werkende) leden per 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd. 6.. De subsidiebijdrage vindt plaats op basis van het actuele Subsidieoverzicht gemeente Kapelle, bestaande uit een vast bedrag per vereniging en een bedrag per jeugdlid of werkend lid. 7.. Voor subsidiëring van kaderleden wordt verwezen naar artikel 20 van deze Subsidieregeling gemeente Kapelle. 8.. Activiteiten die zijn gericht op het bevorderen van het behoud dan wel het toegankelijk maken van cultureel erfgoed kunnen daarvoor subsidie ontvangen tot een maximum van 50% van de aan de activiteit verbonden kosten.

Rechtspraak bij dit artikel