Voor de behartiging van het in artikel 4 genoemde belang is het dagelijks bestuur bevoegd tot:
het reageren op visies, nota's en plannen, die voor het samenwerkingsgebied van belang zijn,
het vertegenwoordigen van het samenwerkingsgebied,
het organiseren van overleg en het uitbrengen van advies.
HOOFDSTUK IV
Artikel 10