Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Opvang en gedragstest na afstand of inbeslagname

Onderdeel van Beleidsregel bijtincidenten honden gemeente Westerwolde 2018

1.. Na afstand of inbeslagname, op grond van artikel 6 of 7, wordt de hond overgebracht naar een opvanglocatie. 2.. De burgemeester geeft opdracht de hond te laten onderwerpen aan een gedragstest, uitgevoerd door de gedragskliniek voor dieren van de faculteit diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht. 3.. Naar aanleiding van de gedragstest zijn de volgende uitkomsten mogelijk: de hond kan onder voorwaarden terug naar de eigenaar (tenzij afstand is gedaan), dan wel de hond kan niet terug naar de eigenaar maar wel worden herplaatst bij een ander baasje, dan wel de hond is niet geschikt voor terugplaatsing (a.) en herplaatsing (b.) en dient te worden geëuthanaseerd. 4.. Indien inbeslagname het gevolg is van het toepassen van de lichte bevelsbevoegdheid als genoemd in artikel 7, vindt na de gedragstest overleg plaats met de eigenaar/houder van de hond over de opties als genoemd in lid 3 van dit artikel. Indien de eigenaar/houder de hond persé terug wil hebben wordt alsnog een aanlijn- en muilkorfgebod opgelegd conform het gestelde in artikel 3. Indien de hond vervolgens een nieuw bijtincident veroorzaakt wordt alsnog toepassing gegeven aan artikel 6, inhoudende dat als niet vrijwillig afstand wordt gedaan de hond in beslag wordt genomen op grond van artikel 5:31, van de Algemene wet bestuursrecht. Er hoeft in deze gevallen geen nieuwe gedragstest plaats te vinden. 5.. De kosten van opvang, (medische) verzorging, gedragstest en eventuele overige noodzakelijke kosten na inbeslagname op grond van artikel 5:31, van de Algemene wet bestuursrecht, zijn voor rekening van de eigenaar/houder van de hond en worden op hem/haar verhaald. In de overige gevallen zijn de kosten voor de gemeente.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel