Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. › Afdeling 7.

Artikel 5:32

Crossterreinen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2011

1.. Het is verboden met een (crossen) door een park/ plantsoen of op een niet van de weg deel uitmakende, van gemeentewege aangelegde beplanting of groenstrook door: bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brom-mobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft; bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen; bromfietsers en snorfietsers; fietsers; bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor; overige weggebruikers. 2.. Het college kan terreinen aanwijzen waarvoor het verbod niet van toepassing is. Het college kan daarbij regels stellen voor het gebruik van deze terreinen: in het belang van het voorkomen of beperken van overlast; in het belang van de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving en ter bescherming van andere milieuwaarden; in het belang van de veiligheid van de deelnemers van de in het eerste lid bedoelde wedstrijden en ritten of van het publiek. 3.. Voor de toepassing van het eerste lid wordt dat onder weg verstaan wat artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994 daaronder verstaat. 4.. Het verbod in het eerste lid geldt niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet milieubeheer of het Besluit geluidproductie sportmotoren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel