4.1 Welke regelingen zijn er?
Het armoedebeleid van de gemeente Kampen kent tien regelingen voor inwoners met een laag inkomen. Het zijn:
Meedoenbonnen voor maatschappelijke activiteiten
Collectieve zorgverzekering
Individuele inkomenstoeslag5 als aanvulling op een laag inkomen
Individuele studietoeslag6 voor jongeren die studeren of op school zitten en een handicap hebben
Schoolkostenregeling voor gezinnen met schoolgaande kinderen
Computerregeling voor gezinnen met schoolgaande kinderen
Tegemoetkoming zwemles
Regeling voor chronisch zieken en gehandicapten
Kwijtschelding van gemeentelijke belastingen
Jeugdsport- en cultuurfonds
Deze regelingen hebben allemaal een bijzonder doel en ze gelden voor een specifieke doelgroep. Dit wordt hieronder verder toegelicht.
5 Verder: inkomenstoeslag
6 Verder: studietoeslag
4.2 Voor wie zijn de minimaregelingen bedoeld?
De regelingen uit het armoedebeleid zijn bedoeld voor inwoners met een laag inkomen. Dit zijn de belangrijkste voorwaarden:
de inwoner is 18 jaar of ouder,
is bij de gemeente Kampen ingeschreven in de Basisregistratie personen, en
heeft de Nederlandse nationaliteit of een geldige verblijfstitel.
Meedoenbonnen en de inkomenstoeslag zijn niet bedoeld voor studenten. De inkomenstoeslag is er ook niet voor inwoners die de AOW-leeftijd hebben bereikt. De AOW-uitkering is namelijk hoger dan de bijstandsnorm voor jongere inwoners. Voor sommige minimaregelingen gelden bijzondere voorwaarden: zie hierna.
Soms is het nodig, dat een inwoner gebruik maakt van de minimaregelingen, ook al voldoet hij niet aan alle voorwaarden. Dan kan die inwoner toch van die regeling gebruik maken. Denk bijvoorbeeld aan ouders van kinderen die anders niet kunnen meedoen met schoolactiviteiten.
4.3 Tellen het inkomen en vermogen mee?
De minimaregelingen zijn bedoeld voor inwoners die geen financiële buffer hebben. De gemeente gaat ervan uit dat dat zo is als het inkomen onder een bepaalde grens blijft. Die inkomensgrenzen verschillen per minimaregeling. De hoogte van die inkomensgrenzen hangt ook af van de leef- en woonsituatie. Op de website van de gemeente Kampen is te vinden welke inkomensgrenzen er gelden voor welke voorzieningen7. Dit zijn geen harde grenzen. Als een inwoner een hoger inkomen heeft, beoordeelt de gemeente per situatie of het toch nodig is om de inwoner in aanmerking te laten komen. De gemeente betrekt alle omstandigheden erbij.
Met inkomen wordt bedoeld: het maandelijkse netto loon of de netto uitkering. Het inkomen vergelijken we met de inkomensgrens zonder rekening te houden met vakantietoeslag. Voor het bepalen van het inkomen van een zzp’er/zelfstandige gaan we uit van de winst-verliesrekening of het inkomen dat bij de belastingaangifte is opgegeven.
De regels over inkomen die voor algemene bijstand gelden, gelden in principe ook voor de minimaregelingen. Inkomsten die voor de algemene bijstand worden vrijgelaten, worden ook voor de minimaregelingen vrijgelaten. De inwoner blijft altijd onder de inkomensgrens, als er loonbeslag op het inkomen ligt, als de inwoner in de wsnp zit (schuldsanering), of als er een minnelijke schuldregeling loopt (gericht op afbetalen van een schuld).
Het vermogen telt meestal ook mee, maar soms is dit anders geregeld. Dan geven we dat aan. Vermogen wordt in ieder geval vrijgelaten als het onder de grens blijft die voor een bijstandsuitkering geldt. Een eigen huis telt niet mee bij het vermogen, behalve als het gaat om kwijtschelding belastingen (voor bijzondere bijstand gelden andere regels. Zie hoofdstuk 7).
7 Zie: https://www.kampen.nl/ondersteuning-lage-inkomens
4.4 Wat kan een inwoner krijgen?
Wat een inwoner kan krijgen verschilt per regeling. Hieronder staan de verschillende regelingen. Bij iedere regeling staan de bedragen die een inwoner kan krijgen. Deze bedragen gelden voor een kalenderjaar. De bedragen van de inkomenstoeslag en de studietoeslag worden op 1 januari van elk kalenderjaar aangepast aan de zgn. consumentenprijsindex. Die index geeft de ontwikkeling aan van de prijzen die consumenten moeten betalen voor de dagelijkse kosten. De andere normbedragen kan de gemeente aanpassen als dat nodig is.
Artikel 4.
Minimaregelingen - algemeen
Onderdeel van Beleidsregels armoedebestrijding gemeente Kampen 2018