Een aanvraag voor een starterslening wordt bij het college ingediend op een door het college beschikbaar gestelde wijze.
Het college bevestigt de ontvangst van de aanvraag binnen twee weken.
Indien de aanvraag niet alle gegevens bevat die het college voor het nemen van een beslissing noodzakelijk acht, stelt het college de aanvrager in de gelegenheid de aanvraag binnen een termijn van vier weken te completeren.
Indien de aanvraag niet binnen de aangegeven termijn is gecompleteerd, besluit het college de aanvraag niet in behandeling te nemen.
Het college handelt aanvragen in volgorde van binnenkomst af.
Het college neemt binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag, dan wel na het compleet worden daarvan, een beslissing en deelt die middels een toewijzings‐ of afwijzingsbesluit mee aan de aanvrager.
Op de aanvraag om een starterslening is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Het college toetst de aanvraag aan artikel 2 en 3.
Het college wijst een aanvraag voor een starterslening toe indien aan het gestelde van artikel 2 wordt voldaan en het in artikel 3 vastgestelde budget hiervoor toereikend is.
In de toewijzing wordt de maximale hoogte van de starterslening benoemd. Dit betreft 20% van de verwervingskosten met een maximum van € 35.000,- .
Tegen de toewijzing dan wel de afwijzing kan bezwaar en beroep gemaakt worden volgens de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 4