Het college van B&W kan in de volgende gevallen een standplaatsvergunning intrekken:
op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder,
bij overlijden van de vergunninghouder,
bij faillissement van de vergunninghouder,
bij wangedrag van de vergunninghouder,
bij wanbetaling aan de gemeente,
bij onbruik van de standplaats gedurende 8 achtereenvolgende weken,
vanuit het oogpunt van openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid en/of milieu.