Naar hoofdinhoud
In deze verordening wordt verstaan onder: Raadslid: lid van de gemeenteraad, niet zijnde wethouder; Wethouder: lid van het college van burgemeester en wethouders, niet zijn burgemeester; College: college van burgemeester en wethouders, als bedoeld in artikel 34 van de Gemeentewet; Griffier: de griffier, als bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet; Gemeentesecretaris: de secretaris, als bedoeld in artikel 102 van de Gemeentewet; Commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet; Fractievertegenwoordiger: de als zodanig door de raad benoemde vertegenwoordiger van een raadsfractie, welke gerechtigd is om plaatsvervanger van een raadslid te zijn tijdens beeldvormende en oordeelsvormende bijeenkomsten en bijeenkomsten van door de raad ingestelde werkgroepen dan wel projectcommissies, als bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; beeldvormende bijeenkomst: bijeenkomst met als doel het verkennen en afbakenen van vraagstukken, het horen van het maatschappelijke veld en het inventariseren van knelpunten en keuzes, met inbegrip van werkbezoeken, workshops, themabijeenkomsten en raadsinformatieavonden; oordeelsvormende bijeenkomst: bijeenkomst, als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet; raadswerkgroep: een tijdelijke overlegorgaan die is samengesteld uit raadsleden of fractievertegenwoordigers waarin een specifiek onderwerp wordt besproken; Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden: het Koninklijk Besluit van 22 maart 1994, Stb. 244; Regeling rechtspositie wethouders: de ministeriële regeling van 20 februari 2001, Stcrt. 41, als bedoeld in artikel 23, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel