Naar hoofdinhoud
1.. De met ondersteuning bij een (gestructureerd) huishouden te bereiken resultaten hebben betrekking op: het aanbrengen van structuur door de cliënt, regie voeren over de dagelijkse bezigheden, zelf regelen, besluiten nemen, plannen en uitvoeren van taken; gebruik maken van het eigen probleemoplossend vermogen van de cliënt. 2.. Daarnaast kunnen de resultaten ook betrekking hebben op: het realiseren van een schoon en leefbaar huis; de noodzakelijke bereiding van maaltijden; het aanwezig zijn van gewassen, opgevouwen en gestreken kleding; de noodzakelijke verzorging van kinderen die tot de leefeenheid behoren. 3.. De werkzaamheden zoals bedoeld in het tweede lid, onder a beperken zich tot de ruimten in huis die in gebruik zijn met het oog op het normale gebruik van de woning.

Rechtspraak bij dit artikel