Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6

Artikel 6.1

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Pijnacker-Nootdorp 2018

1.. Indien een cliënt in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening en de ondersteuning zelf dan wel met hulp uit zijn sociale netwerk of van zijn vertegenwoordiger wenst in te kopen door middel van een pgb, dan dient de cliënt daarvoor een ondertekend bestedingsplan in als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel c van deze verordening. 2.. Conform artikel 2.3.6 van de wet verstrekt het college de cliënt desgewenst een pgb indien: de cliënt naar het oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat is te achten tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake dan wel met hulp uit zijn sociale netwerk of van zijn vertegenwoordiger, in staat is te achten de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren; de cliënt zich gemotiveerd op het standpunt stelt dat hij de maatwerkvoorziening als pgb geleverd wenst te krijgen; naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de diensten, hulpmiddelen, woonvoorzieningen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, veilig, doeltreffend en cliëntgericht worden verstrekt. 3.. Voor het pgb geldt het volgende: het is gebaseerd op een door de cliënt opgesteld bestedingsplan; het wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woonvoorzieningen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering; het bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst passende beschikbare maatwerkvoorziening in natura; als de verstrekking een tweedehands voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop het hulpmiddel of de woonvoorziening technisch is afgeschreven, indien nodig rekening houdend met een vergoeding voor onderhoud en verzekering; indien de kosten volgens het bestedingsplan van de cliënt hoger zijn, dan de kostprijs van de naar het oordeel van het college passende individuele voorziening in natura, dan is er de mogelijkheid dat de cliënt het verschil zelf bekostigt; bij het beoordelen van de kwaliteit als bedoeld in het tweede lid onderdeel c, weegt het college mee of de diensten, hulpmiddelen, woonvoorzieningen en andere maatregelen in redelijkheid geschikt zijn voor het doel waarvoor het pgb wordt verstrekt; de aan een pgb verbonden taken, als bedoeld in het tweede lid onderdeel a, worden niet uitgevoerd door een zorgverlener die tevens uitvoerder is van de ondersteuning of een financiële relatie heeft met de uitvoerder van de ondersteuning die met het pgb wordt ingekocht. 4.. Het pgb mag niet worden besteed aan: kosten voor bemiddeling, tussenpersonen of belangenbehartigers; kosten voor het voeren van een pgb-administratie; kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een pgb; kosten voor een feestdagenuitkering en een eenmalige uitkering; een vrij besteedbaar deel. 5. . Er bestaat geen recht op een pgb voor zover het is bestemd voor besteding in het buitenland, tenzij het college hier vooraf expliciet toestemming voor verleent. 6.. Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt kan diensten onder de volgende voorwaarden, betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk: het inhuren van personen uit het sociaal netwerk leidt tot effectievere en doelmatige ondersteuning; inhuren van personen uit het sociaal netwerk gebeurt op basis van een lager tarief dan het vastgestelde tarief voor beroepskrachten; de persoon uit het sociaal netwerk heeft aangegeven dat de ondersteuning van de cliënt voor hem niet tot overbelasting leidt;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel