**1..** De werknemer die te goeder trouw en naar behoren een vermoeden van een misstand meldt, zal in verband daarmee geen nadelige gevolgen voor zijn rechtspositie ondervinden tijdens en na de behandeling van deze melding bij de werkgever, een andere organisatie of een externe instantie.
**2..** Onder nadelige gevolgen wordt in ieder geval verstaan het nemen van een benadelende maatregel zoals:
het verlenen van ontslag, anders dan op eigen verzoek;
het tussentijdse beëindigen of het niet verlengen van een aanstelling voor bepaalde tijd;
het niet omzetten van een aanstelling voor bepaalde tijd in een aanstelling voor onbepaalde tijd;
het treffen van een disciplinaire maatregel;
de opgelegde benoeming in een andere functie;
het onthouden van salarisverhoging, incidentele beloning of toekenning van vergoedingen;
het onthouden van promotiekansen;
het afwijzen van een verlofaanvraag
**3..** De werkgever zorgt ervoor dat de melder ook niet op andere wijze bij zijn werk nadelige gevolgen ondervindt van de melding.
**4..** Als de werkgever na het doen van een melding een benadelende maatregel neemt, motiveert de werkgever waarom hij deze maatregel nodig acht en dat deze maatregel geen verband houdt met het te goeder trouw en naar behoren melden van een vermoeden van een missstand.
**5..** De werkgever spreekt werknemers die zich schuldig maken aan benadeling van de melder daarop aan en kan hen een waarschuwing op een disciplinaire maatregel opleggen.
Artikel 4