In geval van een geschil tussen de rechtspersoon en één of meer van de deelnemers over de uitvoering van de taken, treden het bestuur en het betreffende college of de betreffende colleges meteen met elkaar in overleg, teneinde het geschil verder te verkennen en zo mogelijk op te lossen. Per situatie wordt bezien welke oplossingswijze het best bij het probleem past.
Met betrekking tot geschillen tussen de deelnemers onderling, dan wel tussen de deelnemers en de rechtspersoon over de toepassing in de ruimste zin van de regeling, beslissen, conform artikel 28 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, Gedeputeerde Staten.
In geval van een geschil binnen het bestuur kan één der partijen het geschil aan een door de deelnemers aangewezen onafhankelijke arbiter voorleggen, indien overleg tussen de partijen niet tot een bevredigende oplossing leidt. Het bestuur en de deelnemers zullen de uitkomst van de arbitrage respecteren. De arbiter doet ook een uitspraak over de verdeling van de kosten van de arbitrage.