Naar hoofdinhoud
1.. Gedeputeerde Staten kunnen ontheffing verlenen van de verplichting tot herbeplanting als bedoeld in artikel 4.3, eerste lid, van de wet indien sprake is van: het verwijderen van houtopstanden ter bevordering van ecologische waarden in het kader van natuurherstel voor zover dit past binnen de toepasselijke beleidskaders van de Provincie Utrecht; het verwijderen van houtopstanden ten behoeve van het voorkomen van bosbrand; kleinschalige kap die nodig is voor het herstel en de beleving van cultuurhistorische elementen; bijzondere fysieke terreinomstandigheden; een zwaarwegend maatschappelijk belang. 2.. Gedeputeerde Staten verlenen geen ontheffing van de verplichting tot herbeplanting als bedoeld in artikel 4.3, eerste lid, van de wet, indien sprake is van houtopstanden die gevestigd zijn op oude bosgroeiplaatsen, zie kaart bijlage 2. 3.. Gedeputeerde Staten kunnen ontheffing verlenen van de herplantplicht ten behoeve van de ontwikkeling van open natuur zoals beschreven in de Bos en Heide Notitie 2018 van de provincie Utrecht; De op basis van de notitie beschikbare ruimte wordt verdeeld op volgorde van rangschikking; De rangschikking als bedoeld in het derde lid, onder a, vindt plaats op basis van de mate waarin de inschrijving voldoet aan de criteria die zijn opgenomen in eerdergenoemde Bos en Heide notitie, en de onderlinge weging hiervan; Inschrijvingen kunnen alleen worden ingediend in de periode die hiervoor wordt opengesteld; In het besluit tot openstelling, als bedoeld in het derde lid, onder c, kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de voorwaarden waaraan de aanvragen dienen te voldoen, alsmede de wijze waarop de rangschikking wordt bepaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel