Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Begripsbepaling

Onderdeel van Beleidsregel handhaving wet Damocles gemeente Velsen 2018

In deze beleidsregel wordt verstaan onder: harddrugs: middelen als bedoeld in artikel 2 en lijst I van de Opiumwet; softdrugs: middelen als bedoeld in artikel 3 en lijst II van de Opiumwet; hennep: een verboden middel als bedoeld in lijst II van de Opiumwet, te weten elk deel van de plant van het geslacht Cannabis, waaraan de hars niet is onttrokken (producten ook bekend onder de naam: hasjiesj, hasj, marihuana, weed, wiet of stuff) met uitzondering van de zaden; handel in drugs: het verkopen, afleveren of verstrekken van harddrugs of softdrugs- in al zijn verschijningsvormen-, dan wel het daartoe aanwezig zijn daarvan; onder verkoop wordt tevens verstaan het sluiten van een mondelinge overeenkomst tot koop en verkoop van drugs, waarbij de levering van drugs elders plaatsvindt; handelshoeveelheid: meer dan vijf hennepplanten, meer dan 5 gram softdrugs of meer dan 0,5 gram harddrugs; vijf hennepstekken worden geteld als één hennepplant; lokalen en bijbehorende erven: alle al dan niet voor publiek opengestelde lokalen, zoals cafés, winkels, magazijnen, loodsen, schuren bedrijfsruimten, en daarbij behorende (bebouwing op de )erven; woningen en bijbehorende (bebouwing op de) erven: een pand of complex van ruimten (zoals woonwagens, woonboten of woonketen) dat in hoofdzaak dient tot woning dan wel dienstbaar is aan het wonen en daarbij behorende erven. Hieronder valt zowel een koopwoning als een huurwoning. Het is de plaats waar een persoon zijn private huishoudelijke leven leidt. De daadwerkelijk aan het pand of complex van ruimten gegeven bestemming bepaalt en niet zonder meer de uiterlijke kenmerken zoals de bouw en aanwezigheid van een bed en ander huisraad. Een tijdelijke afwezigheid van de bewoner leidt er niet toe dat de ruimte het karakter van woning verliest. Een voor bewoning bestemde ruimte die niet gebruikt wordt als woning kan aangemerkt worden als lokaal; recidive: een herhaalde overtreding binnen een periode van 5 jaar na de laatste overtreding. Daarbij is niet relevant of de laatste een overtreding was op grond van artikel 2 of 3 van de Opiumwet;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel