Naar hoofdinhoud
1.. Bouwplannen worden eerst voorgelegd aan de ‘kleine commissie’ bestaande uit de rayonarchitect waarbij deze worden beoordeeld op grond van de door de gemeenteraad vastgestelde welstandscriteria zoals opgenomen in de welstandsnota. De rayonarchitect is bevoegd om advies uit te brengen aan burgemeester en wethouders; 2.. Enkel in het geval van (schriftelijk) gemotiveerde twijfel legt de rayonarchitect de bouwplannen als bedoeld in het vorige lid voor aan de (‘grote’) welstandscommissie; 3.. Bij de beoordeling als bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel, handelt de rayonarchitect en/of welstandscommissie tevens in overeenstemming met het bepaalde in de vastgestelde beleidsregels op het gebied van de ruimtelijke kwaliteit, als bedoeld in de zin van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht. 4.. Indien de welstands en/of monumentencommissie van oordeel is dat bijzondere omstandigheden nopen tot afwijking van het gestelde in het derde lid van dit artikel dan geeft zij bij het uitbrengen van het advies aan burgemeester en wethouders, schriftelijk gemotiveerd aan op grond waarvan een afwijking van de beleidsregel gerechtvaardigd is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel