Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Verantwoording en vaststelling subsidie

Onderdeel van Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie 2019 gemeente Leusden

1.. De subsidieontvanger is verplicht voor 1 mei na afloop van de subsidieperiode een schriftelijke verantwoording te geven over de besteding van de subsidie. 2.. Het college beslist binnen 6 maanden na afloop van de subsidieperiode over de vaststelling van subsidies. 3.. Wij rekenen af op basis van gerealiseerde en benutte kindplaatsen. De subsidie wordt vastgesteld door: het geldende maximale uurtarief volgens de subsidienorm, zoals benoemd in artikel 10, lid 2; verminderd met de eigen bijdrage van ouders op basis van de inkomenscategorie per categorieën, zoals benoemd in artikel 8, lid 7 t/m 11. verminderd met de kinderopvangtoeslag die ouders in categorie b. artikel 6, lid 1 ontvangen. Vermenigvuldigd met het aantal bezette kindplaatsen, onderscheiden naar de drie categorieën bedoeld in artikel 6, lid 1, sub a, b en c; het aantal kindplaatsen dat gedurende het jaar voor een deel bezet zijn geweest, worden alleen voor dat deel in de berekening meegenomen; 4.. Een benutte kindplaats wordt berekend op basis van de plaatsingsmaand en/of beëindigingsmaand van de peuter afhankelijk van de datum wordt deze voor 1 of voor 0 meegeteld. Start Vertrek 0-15 = 1 0-15 = 0 16-31 = 0 16-31 = 1 5.. De aanvraag tot subsidievaststelling gaat vergezeld van een beleidsverslag met onderwerpen zoals genoemd in artikel 7.6 en een financieel verslag over het aantal gebruikte kindplaatsen Voorschoolse Educatie en/of Peuteropvang. 6.. De ontvanger van een subsidie van € 50.000,- of meer is verplicht bij de verantwoording een schriftelijke, onafhankelijke accountantsverklaring te overleggen aan het college, als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. 7.. Indien de verantwoording na eventueel verleende uitstel niet tijdig of volledig is ingediend stelt het college de subsidie ambtshalve vast. 8.. Onverschuldigd betaalde subsidiebedragen en voorschotten kunnen worden teruggevorderd indien de subsidieontvanger na de subsidievaststelling niet heeft voldaan aan de subsidie verbonden verplichtingen. Dit kan uiterlijk tot vijf jaar na de datum waarop de subsidie is vastgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel