Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 11

Verhuis- en inrichtingskostenvergoeding

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Aalsmeer

1.. Een verhuis- en inrichtingskostenvergoeding kan worden toegekend als verhuizen de goedkoopst adequate oplossing is. 2.. Bij een verhuizing die te verwachten en te voorspellen was vanwege bekende beperkingen dient rekening gehouden te zijn met verhuiskosten en wordt er geen verhuis- of inrichtingskostenvergoeding toegekend. 3.. Geen verhuis- en inrichtingskostenvergoeding wordt toegekend indien: de klant een kamer huurt of indien de klant bij de ouders inwoont en voor het eerst zelfstandig gaat wonen; er sprake is van een verhuizing naar een (Wlz)instelling; er geen sprake is van een verhuizing op grond van ergonomische redenen; of er sprake is van een verhuizing naar een inadequate woning, of een verhuizing naar een inadequate woning in het verleden. 4.. Indien de kosten van bouwkundige aanpassingen hoger zijn de verhuiskostenvergoeding kan het college het aanpassen van de huidige woning afwijzen en kent in dat geval een verhuiskostenvergoeding toe, mits er geen sprake is van in het derde lid genoemde omstandigheden. 5.. Een toegekende verhuis- en inrichtingskostenvergoeding wordt pas uitbetaald als aan de volgende voorwaarden is voldaan: de woning voldoet aan de in de beschikking genoemde eisen; of de cliënt voorafgaand aan het reageren op een woning contact heeft opgenomen met het college en het college de woning akkoord heeft bevonden als zijnde een adequate of goedkoop adequaat te maken woning. 6.. De hoogte van de verhuis- en inrichtingskostenvergoeding is vastgelegd in het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Aalsmeer.

Rechtspraak bij dit artikel