Indien belanghebbende een uitkering ontvangt op grond van de Participatiewet, de IOAW of de IOAZ, hanteert het college 5% van de uitkeringsnorm inclusief vakantietoeslag als maandelijkse aflossingscapaciteit tenzij sprake is van de kostendelersnorm.
In afwijking van het eerste lid geldt voor belanghebbende die in een inrichting ter verpleging of verzorging verblijft ingevolge artikel 475d lid 4 Rv een afwijkende beslagvrije voet die gelijk is aan de prijs voor verzorging of verpleging, verhoogd met 2/3 van de toepasselijke bijstandsnorm als genoemd in artikel 23 Participatiewet.
In afwijking van het eerste en tweede lid zal op verzoek van de belanghebbende het college een berekening uitvoeren volgens artikel 475d Rv om de juiste beslagvrije voet en daarmee de juiste hoogte van verrekening te bepalen en past de gemeente de hoogte van het verrekende bedrag aan vanaf de datum waarop het college de gegevens die nodig zijn voor de berekening heeft ontvangen tenzij het college al eerder van die gegevens op de hoogte was indien blijkt dat hantering van het eerste lid niet correct was.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.1
Artikel 12.
Vaststelling van de hoogte van de maandelijkse aflossingscapaciteit bij belanghebbenden met een uitkering
Onderdeel van Beleidsregel herziening, intrekking, terugvordering en invordering gemeente Asten 2018