Geen vergoeding vindt plaats als in het besluit tot verlening van de
vergunning of akkoordverklaring een bepaling is opgenomen dat binnen een
periode van vijf jaren, te rekenen vanaf de datum van inwerkingtreding
van de vergunning of akkoordverklaring, een wijziging of intrekking van
die vergunning of akkoordverklaring te voorzien is in verband met binnen
die periode uit te voeren werkzaamheden aan en ten behoeve van de
desbetreffende infrastructuur en binnen de genoemde periode van vijf
jaar daadwerkelijk een besluit tot wijziging of intrekking van de
vergunning of akkoordverklaring wordt toegezonden. Bij gedoogsituaties
korter dan vijf jaren vindt eveneens geen vergoeding plaats, ongeacht of
de aanvrager dan wel de leidingexploitant in kennis werd gesteld van een
mogelijke gedwongen verlegging of verwijdering.
Afdeling 1.3.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Nadeelcompensatieregeling verleggen kabels en leidingen gemeente West Maas en Waal, 2007