Naar hoofdinhoud
Bij het verlenen van toegang tot alle raadsstukken aan het commissielid niet-zijnde raadslid dienen de volgende regels in acht te worden genomen: het commissielid niet-zijnde raadslid heeft recht op inzage van stukken, welke voor de raadsleden en de leden van de commissies ter inzage liggen, met inbegrip van de vertrouwelijke stukken; het commissielid niet-zijnde raadslid heeft het recht de besloten vergaderingen van de raad en van de commissies bij te wonen, evenals de informele bijeenkomsten van raadsleden; op het commissielid niet-zijnde raadslid rust de verplichting tot geheimhouding; de geheimhouding geldt in de gevallen, waarin deze ook rust op de raadsleden; het commissielid niet-zijnde raadslid neemt ten aanzien van de commissie- en raadsstukken dezelfde zorgvuldigheid in acht als van een raadslid mag worden verwacht; voordat het commissielid niet-zijnde raadslid als zodanig kan optreden, tekent deze ten overstaan van de voorzitter van de raad een verklaring, inhoudende dat als commissielid zal worden opgetreden, met inachtneming van de vorengenoemde punten.

Rechtspraak bij dit artikel