Naar hoofdinhoud
1.. Het aantal parkeerplaatsen waarvoor een bijdrage aan de Parkeervoorziening verschuldigd is, wordt vastgesteld door het aantal op eigen terrein gerealiseerde of nog te realiseren parkeerplaatsen in mindering te brengen op de totale hoeveelheid voor het bouwplan of het nieuwe gebruik benodigde aantal parkeerplaatsen. 2.. Bij de berekening van het aantal benodigde parkeerplaatsen wordt de bestaande parkeerbehoefte van de voorgaande op de locatie legaal gevestigde functie in mindering gebracht. 3.. Parkeerplaatsen in het openbaar gebied die door het bouwplan dan wel de wijziging van gebruik te niet worden gedaan, worden op eigen terrein gecompenseerd. Indien dit niet mogelijk blijkt, worden deze meegenomen in de berekening van het aantal parkeerplaatsen waarvoor een bijdrage verschuldigd is. 4.. Indien voor de parkeerbehoefte van het bouwplan of de wijziging van gebruik, gebruik kan worden gemaakt van beschikbare restcapaciteit in de openbare ruimte, wordt het aantal parkeerplaatsen dat hiervoor beschikbaar is bij de berekening in mindering gebracht. De beschikbaarheid van restcapaciteit wordt vastgesteld aan de hand van de Nota parkeernormen. 5.. Het tarief voor de bijdrage aan de Parkeervoorziening bedraagt € 3.610,- ex BTW per parkeerplaats. 6.. Het tarief genoemd in artikel 7, lid 5 geldt voor bouwplannen of wijzigingen van gebruik, waarbij de verschuldigde bijdrage maximaal drie parkeerplaatsen bedraagt. Bij grotere projecten, met een verschuldigde bijdrage van vier parkeerplaatsen of meer, brengt het college van burgemeester en wethouders de werkelijke kosten in rekening. 7.. Het in artikel 7, lid 5 opgenomen tarief wordt vanaf 01-01-2019 jaarlijks aangepast volgens de grond-, water en wegenbouw (GWW) index, onderdeel ‘wegen met open verharding’. 8.. Voor de bepaling van de hoogte van de bijdrage aan de Parkeervoorziening wordt het volgens de leden 1, 2, 3 en 4 bepaalde aantal parkeerplaatsen afgerond naar boven.

Rechtspraak bij dit artikel